Beiaarden vindt men wereldwijd op pleinen en in parken, openbare ruimten, stadhuizen, belforten, kerken en universiteitscampussen.
De bespeler van het instrument, die beiaardier wordt genoemd, vertolkt een divers repertoire: populaire hits, klassieke muziek, oorspronkelijke beiaardmuziek, volksliederen en nationale hymnen. Hij of zij beheerst de manuaal- en pedaaltoetsen met grote vaardigheid en creëert hierdoor suggestieve klanken en expressieve muziek.
Een beiaard bezit ten minste 23 klokken van verschillende grootte die chromatisch gestemd zijn. Elke klok produceert een andere toon en wordt bespeeld door middel van een stokkenklavier met toetsen die gerangschikt zijn zoals de zwarte en witte toetsen van een piano.
Beiaardklokken bewegen niet heen en weer; ze worden aangeslagen door een klepel die zich vlak bij de binnenrand van de klok bevindt. De klepel wordt vanaf het klavier aangetrokken via een reeks draden die de speler toelaten om aan klok de gewenste sterkte en klankkleur te ontlokken.
Beiaarden variëren in grootte van 23 tot 77 klokken, met een standaardomvang van 49 klokken. De kleinste klokken wegen niet meer dan zes kilo, terwijl de grootste tot twaalf ton kunnen wegen. Omdat het bespelen van de zware klokken enige kracht vergt, worden ze met de voeten bespeeld door middel van het pedaal.